| Zwembad bij het hotel in Washington |
Zo rond drie uur kwamen we aan bij het hotel. Het stadje Luray zelf hebben we helemaal niet gezien; het hotel zat in het Shenandoah National Park, vergelijk het met de Hoge Veluwe maar dan groot. De entree was €20,-, ook wanneer je als hotelbezoeker kwam. Deze omgeving is superrustig. Het hotel was eerder een resort waarbij de kamers in losse gebouwen zaten. Het was ouderwets zoals al aangegeven door Jan Doets en ik kan niet anders dan zeggen dat de kamers stonken. Maar daar wen je aan. Je kon zien dat het ooit een glorietijd had beleefd maar dat was wel even geleden. Veel hout aan de binnenkant; tapijt; gordijnen, TV met een echte beeldbuis. De USA in de jaren 70, zo leek het wel. Fantastisch mooi uitzicht, dat wel. Slechte WiFi.
| Onze kamer in Luray |
Achteraf bleek dat we helemaal verkeerd hadden gekeken en dat deze kaart een gebied betrof dat een stuk verderop lag. Het hotel stond ook niet op de kaart.
Half vijf begonnen met het idee van een tocht van een uur of twee. Lang verhaal kort; toen we halverwege de tocht waren, bleek dat we ergens een afslag hadden moeten nemen waardoor je weer bij het beginpunt uitkomt. Dat stond ook duidelijk op de kaart aangegeven. Helaas ging het anders en zijn we rechtdoor gelopen. We waren in de veronderstelling dat de witte strepen op de bomen die we steeds volgden, onze routewegwijzers waren. Dat bleek echter de route van de Appalachian trail te zijn, een immense wandelroute van 2000 mijl. We liepen dus rechtdoor in plaats van via een rondje terug waardoor we na ruim twee uur lopen veel te ver waren gegaan. We kwamen op een parkeerplaats bij een uitkijkpunt terecht en daar kwamen we mensen tegen die ons uit konden leggen waar we precies zaten. Toen moesten we dus nog terug. Het was inmiddels half zeven. We hadden compleet het verkeerde schoeisel aan en slechts sporadisch bereik met de telefoon.
Het pad was ruig, heel rotsig en ongelijk en ik wist dat het om negen uur donker zou zijn.. Stikdonker. Een beetje zorgen maakte ik me dus wel, maar er zat niets anders op dan door te lopen.
Uiteindelijk kwamen we net voor donker om kwart voor negen aan bij het hotel.
In het hotel hebben we gegeten. Er speelde een country duo; dat was echt heel leuk. We hebben na het optreden nog even een kort praatje met ze gemaakt, heel sympathieke mensen. Hij zei dat ze zo'n 250 optredens per jaar deden. Daarom gingen/konden ze niet op vakantie. Ook een stukje gefilmd.
De bediening was helemaal leuk. Heel enthousiast en sympathieke jongen. Hij raadde Isabella het blueberry ijs aan. Was erg lekker. Er zat een extra ingrediënt in wat we moesten raden. Geen idee natuurlijk en het bleek maple syrup te zijn (esdoorn). Nog een hele tijd zitten kletsen met hem; we waren zo'n beetje de laatsten die vertrokken.
De slaapkamer stonk nog steeds naar hond, maar Simone rook er gelukkig niks van.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten